North Beach 24 Noorderzon naar de Eastcoast rivers zomer 2007

Drie weken met instabiel weer, voortdurend ZW5-6, depressies en buien brachten we door op IJsselmeer en Wad. Noodweer bij Den Oever, waterhozen bij Schiermonnikoog, storm bij Lauwersoog en motorpech (lees elders) op Ameland. Best leuk gezeild, maar we wilden naar Engeland. Onze eerste eigen oversteek. Begin augustus diende zich eindelijk een periode met beter weer aan en dus via Harlingen en Den Helder naar IJmuiden.

4-8: Vertrek uit Ijmuiden om 12.00u. ZZW 5, soms nog 6 met stevige golven voor de pieren en op zee. Koers 270 graden de komende 24 uur.... Veel schepen in de aanloopgeul naar Ijmuiden, dus goed opletten. Ook de wachtplaats aan het begin is een aandachtspunt. Schepen die stilliggen gaan plots bewegen of varende schepen veranderen opeens van koers. Goed opletten of je uit moet wijken dus. In de praktijk loopt het allemaal los en hoeven we maar één keer echt uit te wijken voor een containerschip.

Na een uur kon het rif eruit en weer een uur later kon de kluiver erbij. De wind stabiliseerde zich op een goede 4 BF, een voortgang van ca 5,5 Kts door het water.

Relaxed inmiddels. De zee is rustiger, prachtig avondlicht en de stuurautomaat doet het werk. We eten bolletjes en thee uit de thermosfles. Bij deze zeegang kun je ook prima thee zetten tijdens het varen. We lopen wachten van 2 uur, zodat de ander telkens een dik uur kan slapen op de kajuitbank aan lij. Deze persoon verzorgt tevens de catering. De wachtloper navigeert en houdt het logboek bij.

Zonsondergang op zee. Het duurt heel lang voor het echt donker is. Een schitterende sterrenhemel ontvouwt zich. De navigatie is niet moeilijk. De eerste helft van de tocht zijn er steeds voldoende boeien en boorplatforms om je te orienteren. Wat ons verbaast is de grote hoeveelheid scheepvaart. En de kleine hoeveelheid jachten. In het donker zijn de afstanden heel moeilijk in te schatten. Een goede kennis van navigatieverlichting en de lichtkarakters van de boeien is noodzakelijk. En heel goed opletten: elke 10 minuten 360 om je heen kijken. Bij de wisseling van de wacht worden alle lichtjes aangewezen en doorgesproken.

De tweede helft van de tocht (na het oversteken van de 2 diepwaterroutes met veel scheepvaart) wordt het een stuk rustiger op zee qua verkeer en boeien. Eigenlijk zie je helemaal niets meer behalve zee.

Op de kaart, waar we elk uur de positie intekenen, ga je heel goed de werking van het getij zien: We houden constant een kompaskoers van 270 aan en het getij zet ons elke 6 uur een andere kant op, zodat een slingerkoers resulteert. Compenseren voor deze stroom levert geen voordeel op, want je bent ongeveer 24 uur onderweg, dus 2 keer ZW gaand tij en 2 keer NO gaand tij.

5-8: De laatste 6 uur corrigeren we wel voor stroom om op ons waypoint uit te komen: De South Holm boei, ruim 1,5 mijl van de haveningang. Langs de kust (die door nevel pas op het laatste moment in beeld kwam) varen regelmatig coasters, dus alweer goed uitkijk blijven houden. De wind draait naar Zuid en neemt af tot een kleine 3 BF.

Melden op 14 voor toestemming om binnen te mogen varen en dan naar de jachtclub. De aanloop is eenvoudig: Van de South Holm kun je direct op de haven aansturen (ook bij LW, al ziet de kaart er wat griezelig uit). Bij harde Noordenwind (>6) moet je wel de boeien volgen wegens branding op de ondiepten. We hebben de stroom flink tegen en moeten motoren, maar het is maar een klein stukje. Precies 23 uur na vertrek maken we vast aan de steiger. Het was een droomoversteek, een geweldige tocht.

De Jachtclub is een monumentaal pand met buitengewoon vriendelijk en behulpzaam personeel, sanitair uit de 19e eeuw ( maar wel met fohn) en heel redelijke Bar Meals (de goedkoopste manier om in Engeland redelijk goed te eten, hoewel.......zie verderop!) De klok een uur terugzetten. We slapen een paar uur en voelen ons eigenlijk dan weer prima! Tijd voor een pint Adnams. Het leuke is dat deze club een webcam heeft. Als je ervoor gaat staan (de steiger rechts op de foto) dan kun je naar het thuisfront bellen en live naar ze zwaaien. Erg leuk!

6-8: Boodschappen doen in de ASDA: een megasupermarkt met ondermeer goede Indiase kant en klaar maaltijden. 5 minuten lopen. Je kunt ook de brug over en naar het centrum lopen. Best aardig, maar winkels die je overal elders ook ziet. Direct naast de jachtclub op de pier speelt zich het typisch Britse strandleven af: Fish & Chips, Bingo, Disco & gezinnen met veel te dikke kinderen die voortdurend zoetigheid en vettigheid naar binnen proppen. Zowel mannen als vrouwen uitbundig getatooëerd. Not our cup of tea.... In de haven merk je er weinig van. Lowestoft is niet een plek om te blijven. Weinig moois, veel drukte en verkeer, haveloze haven. Aankomen en verder naar de mooie plekjes dus.

13.00u weg met de stroom mee naar Southwold, slechts 10 mijl langs de kust. Op de foto zie je nog de witte torentjes van de haveningang, die van verrre te zien zijn. (zie ook de webcam). Wind ZW 4-5, stroom mee, prima te doen.

Aanloop van Southwold (eigenlijk de River Blyth): 2 lage pieren, die ik 's nachts niet zo gauw zou aanlopen. 2 uur voor HW, de stroom kolkt nog tussen de stalen damwanden naar binnen. Zeilen strijken we buiten en we motoren naar binnen. Eerst op 12 de havenmeester aanroepen, die staat dan klaar voor je bij de passantensteiger. Als je van het Noorden komt moet je de SB pier goed vrijvaren vanwege de ondiepte die daar ligt (zie foto). Tussen de pieren en langs de kade hou je goed SB wal, daar is het het diepst., na de kade ga je in het midden varen. Let op het geroeide pontje! Het heeft voorrang! Dan is het nog een halve mijl naar de steiger bij de pub.

Vanuit dezelfde positie als de foto hierboven meer in Noordelijke richting ligt het dorpje Southwold. Wij zijn er niet geweest, maar het schijnt leuk te zijn en je kunt er alles krijgen. Je wandelt vanaf de haven door de velden er in 10-15 minuten naar toe.

De Noorderzon aan de steiger bij de Harbour Inn, die je zeker moet bezoeken voor een pint of bar meal. Engelser kan een pub niet worden. Let op: dit is geen drijvende steiger, dus als je als eerste ligt moet je met lange lijnen en springen goed vastmaken, want het stroom vooral met de eb hard. Maak ook een trektouw aan de ladder vast zodat je met HW de boot naar de wal kunt trekken om te kunnen op en afstappen. Je komt met vloed aan en meert af met de kop in de vloed. Je moet dus in smal vaarwater in de vloedstroom opdraaien. Dat lijkt eng, maar is in 3 bootlengtes te doen. Zorg dat je eerst stilligt t.o.v. het water (je vaart dan nog 3 knopen over de grond en je ziet de vaste voetbrug al naderen). Vervolgens veel roer en veel gas en draaien met de klok mee, dus vanaf de bakboord oever, zodat je zoveel mogelijk gebruik maakt van de wielwerking van de schroef. Twee keer heen en weer en het is gelukt. Aanleggen met tegenstroom is vervolgens makkelijk omdat je met de motor precies kunt regelen dat je stilligt t.o.v. de steiger en je door de vaart door het water nog heel goed kunt sturen.TIP: niet schuin tussen twee boten invaren.De stroom zet je op de boot achter je (zoals een Bavaria 37 voor ons overkwam: onze boegspriet prikte bijna hun rubberboot lek...). Vaar langs de boot tot je jouw plekje dwars hebt en geef dan een beetje roer: de stroom zet je dwarsuit en als een kreeft schuif je mooi op je plek. Zet je roer vast zodat het recht blijft bij de eb. Als je als 2e of 3e ligt meer je af met 2 landvasten en 2 springen.

De havenmeester is zeer aardig en niet te beroerd je te helpen. Toen ik vroeg hoeveel water er bij LW op de drempel zou staan printte hij prompt een vel met getijgegevens en een kaartje met recente lodingen uit. Douches zijn er eigenlijk niet. De havenmeester zond ons naar de camping (15 minuten lopen...), maar aldaar bleek dat je een sleutel moest hebben. Als je bij de aanlegsteiger wat nuttigt in de Yachtclub, schijn je daar ook te mogen douchen. Dat doen we volgende keer dus.

Het gehucht Walberswick aan de overkant van de rivier. Geen slecht uitzicht!

Avondstemming op de Blyth.

De specifieke geteerde vissershutjes aan de oever waar je verse vis kunt kopen. Het is allemaal heel kleinschalig, het lijkt of de tijd hier stilstaat.

Ongeveer 0,4 mijl stroomopwaarts van de steiger is een voetbrug, daar is deze foto gemaakt. (richting zee).

En dit is richting land. De Blyth loopt nog een heel stuk landinwaarts, vandaar ook de sterke stroom. Laat je met de vloed met de bijboot een heel stuk meevoeren door ongerept kwelderlandschap, en na HW met de ebstroom weer terug. Prachtig gebied!

7-8: Van Southwold naar de Ore, ca. 20 mijl langs de kust. Wind NE 3-4. Vertrek op LW, met ruim 2 meter water op de drempel. Dit is Aldeburgh met de typische pastelkleurige huizen aan de kust. Je vaart hier heel dicht langs het strand om de Aldeburgh Ridge, een grindbank, te vermijden. Je kunt ook buitenom, rode ton aan SB houden, maar niet eroverheen, je ziet waar hij ligt aan de branding.

Bij Aldeburgh begint ook Oreford Ness, de smalle landtong van grind die de Ore/Alde scheidt van de zee. Gek idee, de rivier ligt pal achter deze huizen.

De vuurtoren van Oreford Ness. Zichtbaar van verre. Hier maakt de kust een knik en dat zorgt met de banken langs de kust voor een zeer sterke stroming. Hier moet je het tij echt meehebben: met 8 Kts over de grond stuiven we er voorbij. Maar goed ook, want eigenlijk is het een saai stuk, vergelijkbaar met langs de Afsluitdijk varen. Wel zie je de bekende "pagodes" en andere experimentele bouwwerken uit WOII langskomen. Niet echt waar je voor komt.

De aanloop van de Ore. De boekjes staan er vol van: "Hairraising approach", "je moet sterke zenuwen hebben", "een klein stuurfoutje en de stroom legt je jacht plat op het grind" en de Imray kaart doet er nog een schepje bovenop: "Entering should not be attempted without local knowlegde". Leuk! We hadden braaf het kaartje van internet gedownload, actuele tonnenposities in kaart en GPS gezet, te sturen kompaskoersen opgeschreven en met een knoop in de maag naderden we de aanloopton Oreford Haven.

Nou, al die bombarie is volkomen misplaatst mits het niet te hard waait en je op het juiste moment in het tij aankomt. Wij kwamen HW-2 bij de aanloop ton en het was een eitje. De afstanden zijn klein, de boeien groot en goed zichtbaar en als je die volgt is er niks aan de hand. Vanaf de aanloop ton stuur je op de rode BB ton aan en daarna naar de groene SB ton die je dus moet ronden. Op de foto (bij de rode ton genomen) zie je de 2 dakjes van de "bungalow" waar je op af moet sturen. Vlak rechts daarvan zie je (achter de schoot) nog een stukje groene ton. De stroom zet je naar BB weg dus achteruit kijken en een beetje opsturen. Tussen de rode en groene ton is het ondiepste stuk, wij hadden minimaal 3,5 meter water op dit moment. Dat is ook het stuk met de meeste golven. De stroom moet daar een draai maken van bijna 180 graden en dat levert vreemde effecten op. (zie ook verderop bij de Deben)

Dit is bij de groene ton/bungalow. Je vaart op enkele meters langs het strand met 8 meter diepte en rechts liggen direct de grindbanken waartussen het water naar binnen kolkt en ook branding staat. Dit is, zoals gezegd, NE3-4 en hoewel dat aanlandig is valt het allemaal reuze mee. bij NE 5-6 zal dat zeker anders zijn.

Dit is zo'n grindhoop. Op een gegeven moment begint de vaste landtong en daar stroomt het het hardst. Zo'n 3-4 knoop. Met 9 kts over de grond stuif je naar binnen. Later wordt het breder en blijft er 1,5-2 knopen stroom over.

Wij gingen BB uit naar Butley River om te ankeren. Echt een idyllische ankerplek tussen de golvende heuvels met graan en vee. In de bocht kun je bij elke wind een beschut plekje vinden en omdat de rivier niet erg lang is (zo'n 5 mijl) staat er max. 0,5 knoop stroom. Hij is wel smal, dus rekening houden met het draaien op het tij. De buitenbocht heeft met LW nog 4 meter water, de binnenbocht is heel ondiep, dus je weet waar je moet zijn. Overigens is het geen enkel probleem als je bij het draaien bij LW even vast raakt op de modderbanken.

Avondstemming op Butley river. Je ligt met 5-6 jachten in een oase van rust. Koeien en ontzettend veel watervogels is wat je hoort. Meeuwen, zwanen, zilverreigers, steltlopers en grote Canadese ganzen scharrelen op de slikken van zachte modder. Geweldig!

8-8: Op weg naar Snape Maltings, ca 15 mijl de rivier op. We moeten boodschappen doen en varen tegen de eb in naar Oreford. Dit is het kasteel.

Aan de mooring bij Oreford. Met de bijboot naar de kade en omhoog lopen het pittoreske typisch Engelse dorpje in naar de General Store. Die blijkt redelijk voorzien te zijn. Tevens vinden we een authentieke ouderwetse rokerij waar we heerlijke vis en bacon kopen. Heel leuk plaatsje waar we zeker nog naar terug willen. Bij laag water staat er aan de kade nog maar 50 cm, dus we zorgen dat we op tijd weer bij de bijboot zijn. Maar nu willen we naar Snape.

Aan de mooring wacht we LW af en we vertrekken met de eerste vloed naar Aldeburgh. Dit zijn dezelfde huizen als op de eerdere foto vanuit zee. Bizar. Het stuk van Oreford naar Aldeburgh is weer saai: dijken en modderbanken. Bij Aldeburgh liggen veel moorings, maar de route er tussendoor is niet moelijk. De wind is N3-4 dus pal tegen. Motoren dus.

Na Aldeburgh wordt het mooi. De rivier wordt breed met glooiende oevers en statige landhuizen. In het begin valt er nog te kruisen, maar al snel wordt het bevaarbare deel van de watervlakte even smal als het geultje naar Schiermonnikoog.

Volgens de boekjes is de geul slecht aangegeven, maar dit zijn toch heel duidelijke prikken. Met rode en groene plastic flessen erop. De gekleurde flessen zijn soms wel wat opgebleekt en bij tegenlicht gebruiken we de verrekijker om de kleur te bepalen. Het grote voordeel van heel vroeg in het tij varen, is dat je alle banken en dus ook de geul prima ziet liggen. Dit is leuk varen, en op de terug weg (dan moet je echt met HW weg) weet je hoe het loopt. Ook de paar afgebroken prikken zijn nu nog goed zichtbaar.

Op een hoge landtong ligt Iken Church. Door de hoge ligging overal in het gebied te zien. In de middeleeuwen een klooster, verwoest door de Noormannen, vanaf dat moment een kerkje. Vanaf Snape kun je een prachtige wandeling maken naar dit punt met uitzicht over de hele rivier.

Op de wat bredere stukken is het niet diep (1.2-1.5 meter) maar met het zwaard op en de wetenschap dat er nog 4 uur vloed komt vaar je toch gerust.

Na met een grote boog om Iken Church te zijn heengevaren beginnen de "Troublesome reaches". Dat klinkt leuk! En dat is het ook! Het geultje wordt smaller en smaller en lijkt verderop op te houden tegen een hoge modderbank. We denken al aan ankeren. Pas op het laatste moment maakt het een meer dan haakse bocht, wordt het smaller dan 10 meter (draaien gaat niet meer). Het stroomt hard en het is ruim 3 meter diep.

Even verderop is nog zo'n slinger, alleen dan verradelijker: over open water zie je recht uit zo'n 100 meter verder een rode prik staan. Alleen maakt het geultje opnieuw zo'n meer dan haakse bocht en kom je pas na een grote omweg bij die prik uit. Ertussenin staat maar enkele decimeters water....

Op deze moeilijke stukjes stikt het van de prikken, de geul is hier heel goed aangegeven, dus er kan eigenlijk niks misgaan als je oplet. Je krijgt wel respect voor de schippers van de Thames barges die 100 jaar geleden volledig op zeil hun ladingen graan (heen) en mout (terug) zonder motor door deze nooit geheel bezeilde S-bochten moesten manouvreren.

Hier lopen we dan toch echt vast. De prikken staan op de BB kant en ik overschat de breedte van de smalle geul. Zuigend lopen we de modder in. aan SB staat 0,6 meter water, aan BB 1,6 meter. Het is vette klei, die laat niet zomaar los. Nu is hier overnachten geen straf, want we liggen in een schitterend natuurgebied en zeer beschut. Maar de pub verderop lonkt, we zien de hoge gebouwen van de Maltings al liggen een paar mijl verderop. Volle kracht achteruit en heen en weer schommelen "does the job": we varen weer.

Verder moet je niet slaafs tussen de prikken varen maar de natuurlijke loop van de geul volgen: zo op het eind van de rivier staat nog maar heel weinig water en door dan consequent de buitenbochten van de sterk slingerende geul te volgen heb je beduidend meer water.

De geul wordt nog steeds smaller en raakt omzoomt door rietkragen. Dan komt de vaste brug en de kade in zicht. Er liggen 2 jachten en een oude viskotter. Er staat nog te weinig water om de kade te bereiken, maar met enig motorgeweld kunnen we langszij een catamaran vastmaken. Schitterende tocht, verplichte kost voor elke north Beach vinden wij...

Avondstemming in Snape Maltings. We zoeken de pub op voor een pint (of 2) en een bar meal. We klimmen de kade op en daar staan direct 2 mensen in nette kledij die trachten ons hun overtollige kaartjes te verkopen voor het concert van vanavond. Vivaldi. Je moet weten dat de beroemde Britse componist Benjamin Britten jarenlang in Snape heeft gewoond en gewerkt en daar een concertzaal en conservatorium heeft opgericht. Heel leuk: Vivaldi, maar we hebben honger en de maag gaat voor de cultuur (zelfs bij een muziekdocent). De volgende dag gaat Gonnie wel naar twee masterclasses van zangers die Don Giovanni van Mozart instuderen. Dat was indrukwekkend en bijna gratis...Maar nu eerst op naar de pub dus. De Plough & Sail ligt direct aan de kade maar blijkt een sjieke yuppentent te zijn. Men ziet ons nauwelijks staan en de tent zit vol met mensen die straks naar het concert gaan. Wegwezen. De brug over en 5 minuten lopen verder in het eigenlijke dorpje Snape is The Crown, 15e eeuws, met werkelijk uitstekend eten, dito bier en een leuke sfeer.

9-8: de volgende ochtend vertrekken de 2 jachten met HW en liggen we alleen. In het dorp is een general store met vooral blikvoer en 2 tomaten/komkommers, dat is het wel. Als je brood wilt moet je voor 10 uur komen, anders is het op. In de oude moutfabrieken uit de 19e eeuw zijn nu winkeltjes, ateliers, galeries, meubelmakers en het conservatorium gevestigd. Het wordt nog steeds verder opgeknapt (zie de hijskraan).

Overdag is het een drukte van belang en 's avonds zijn de concerten. Ach, dit soort cultureel toerisme trekt ons wel. We hebben veel aanspraak over de boot.

Er zijn hier geen voorzieningen voor jachten, behalve een kraan op de kade. Er zijn wel goede schone publieke toiletten vlakbij die om negen uur opengaan als er nog geen hond is. Daar kun je je wel wassen.

Kunst in het veld....

Oude Engelse industriële glorie.

Close upje van de Noorderzon vanaf de brug. Achter de kade begint het public footpath naar Iken Church, die op de achergond te zien is. Die dag maken we de wandeling. Heel mooi! Er komen met het avondtij geen jachten meer aan op deze bijzondere plek.

De afdruk van de Noorderzon toen we langs de catamaran lagen. Met LW valt de hele zaak zo goed als droog. Je zakt met de kiel in de modder, dus afsluiters dicht. Het is echt vette zachte klei, zelfs de eenden zakken er in weg....

TIP: Als je enkele tijen achter elkaar in de modder zakt, dan perst zich steeds meer modder tussen zwaard en zwaardkast. Gevolg: het zwaard komt muurvast te zitten en gaat niet meer naar beneden. Ik had echt de grootste moeite om er beweging in te krijgen. Net toen ik dacht: dat wordt straks duiken, kon ik het een beetje op en neer krijgen en uiteindelijk ging het helemaal naar benden, DUS: bij elk HW het zwaard even op en neer doen.

Iken Church in avondlicht. Een kolonie meeuwen strijkt neer voor de nacht.

10-8: Een uur voor HW vertrekken we uit Snape Maltings. NE 3-4 en prachtig weer, het grootste deel kunnen we zeilen en het is handig dat we de route nu kennen want met HW zie je de banken en geul niet lopen. De prikken wijzen de weg, maar toch.

Terug naar Butley River. Wie wil hier nu niet ankeren? De houten pieren zijn van een voetveertje dat in de weekenden bemand is en op andere dagen telefonisch opgeroepen kan worden. Het water is schoon en helder. Lekker zwemmen, de enige keer deze vakantie....:-(

We moeten vroeg op vanwege het tij en zien dit als we ons hoofd naar buiten steken.

11-8: Met de vloed erin, met de vloed eruit is wat de boekjes zeggen. We willen LW+1 eruit om de stroom verder mee te hebben naar de Deben. Dat valt tegen. De vloed loopt direct al hard naar binnen en we doen er veel langer over dan we dachten. Het laatste stukje rivier staat alweer bijna 4 knoop tegen en met 1,5 knoop over de grond maken we voortgang met brullende motor. De wind is NW 2-3 en dan nog heb je dit soort golven tussen de grindbanken.

Zodra je de groene ton gepasseerd bent heb je de stroom alweer bijna mee en hijsen we de zeilen. 5 mijl naar aanloopton Woodbridge Haven van de Deben.

Deze foto's is vanaf de aanloop ton Oreford Haven. Links de rode boei en bijna onzichtbaar links van de 2 puntdakjes de groene.

Langs de kust overal de karakteristieke Martello towers uit de Napoleontische tijd.

De aanloop van de Deben "Woodbridge Haven" is erg vergelijkbaar met die van de Ore. Deze foto is vanaf de rode ton. Rechts van de 2 zeiljachten is de groene ton, bij het derde zeilje is een wal van steenblokken. We komen er later achter waarom die juist daar liggen......

Rustig weer, stroom mee, bezeilbaar windje, dus we zeilen rustig naar binnen. Het is er breder, iets ondieper en met wat minder stroom dan bij de Ore.

Bij de groene ton. Rechts weer de grindbanken.

Bawdsey Manor, het grote landhuis op de hoge landtong, waar in WOII in het geheim de radar ontwikkeld werd.

Aan de overkant Felixstowe Ferry, een sfeervol rommeltje van vissers, jachten en natuurlijk het pontje zelf. Hier moet je goed letten op de zandbank Horse Spit, afgedekt met een rode BB ton. Hij ligt een beetje tussen de moorings, dus goed kijken. Houd echt de SB kant van het vaarwater aan.

De Deben is omgeven met prachtig glooiende heuvels. We varen met de stroom mee naar Woodbridge. Mooie ankerplekken ook, maar er moet weer worden ingeslagen. Bovendien willen we die Tidemill Yachtharbour wel eens zien. Jammer is dat een groot deel van de rivier bezaaid is met moorings. De natuurlijke beleving wordt er een stuk minder door. De Ore/Alde is wat dat betreft veel ongerepter.

Deze marina heeft een drempel, waardoor er water blijft staan bij LW. Zoals je ziet valt de Deben hier vrijwel helemaal droog, maar de jachten blijven drijven achter de drempel. Op de witte peilschaal rechts kun je de drempeldiepte duidelijk aflezen. Bij HW staat er zo'n 2 meter, een NB kan er vanaf half tij overheen.

Heel vreemd vond ik het gedrag van een local met een grote Bavaria. Hij legde z'n schip met de kiel tegen de stalen damwand aan (was er niet iets met Bavaria's en kielen?), rolde de genua uit en ging zitten wachten tot het water hoog genoeg stond en de wind hem eroverheen blies..... ongetwijfeld met het nodige geschraap!

Het witte gebouw is de oude tidemill. Bij LW wordt hij in bedrijf genomen (ze gebuiken dan het water van het kleine basin op de voorgrond) en je kunt hem bezichtigen. Op de drooggevallen rivier talloze boten scheef in de modder aan hun moorings.

Als je de haven uitloopt bij de grote weg rechtsaf, dan zie je even verderop een groot parkeerterrein en dito winkelcentrum waar je geld kunt halen en prima kunt inslaan. Het sanitair van de haven is in deplorabele staat, maar niet getreurd, volgend seizoen is het splinternieuwe hypermoderne havengebouw in gebruik.

Het fijne van dit soort marina's is dat ze altijd ook reparatiefaciliteiten, zeilmakers, watersportwinkels ("chandlery") etc op het terrein hebben. Een aanrader is de lunchstore bij de haveningang. Nergens zulke lekkere verse vis gegeten. Ook hier op 5 minuten lopen een hele grote supermarkt: Budgens. Handig hoor!

12-8: De Deben is 10 mijl lang. Je moet rond HW uit de tidemill weg, maar je moet ook bijvoorkeur met de vloedstroom de river uitvaren... HW-3 weg dus zou je zeggen, kan net met zwaard op over die drempel. HW is 1300. Maar... we zijn lui, willen lekker ontbijten, moeten nog boodschappen doen, kortom pas om 12.15 weg. En we willen zeilen. Met Z4 is de rivier bijna bezeild dus we gaan zeilen en waar nodig kruisen. Nou ligt die rivier stikvol moorings. Kruisen met stroom mee tussen de moorings is een heel aparte ervaring. Door de stroom "verloef" je in plaats van verlijeren. Je moet niet toegeven aan je natuurlijke neiging om een mooring/boot op ramkoers benedenwinds te pakken want de stroom zet je er op. Bovendien is het zondag en razend druk met kleine en grote boten. Kortom spannend maar erg leuk.

Gevolg: we zijn veel te laat bij de uitgang, de eb stroomt al hard naar buiten, pal tegen Z4 wind in. Dan valt ook op dat niemand naar buiten vaart, behalve 1 megajacht van 37+ voet...... Bij Badwsey Manor strijken we de zeilen en de stroom sleurt ons mee naar buiten. Tussen de grindbanken valt het nog mee en schiet het lekker op met 3 knopen stroom mee. Maar bij de basaltblokken wordt het anders (die liggen er dus toch niet voor niets.) Tussen de groene en de rode ton botst de ebstroom van de rivier (die zuid gaat) op tegen de ebstroom langs de kust (die noord gaat). Bovendien is dit het ondiepste stukje. Het is maar 200 meter, maar daar ontstaat wat ik een "kippenvel"zee noem: Hoge (meer dan een meter) steile puntige golven die geen richting hebben, maar vlak bij elkaar in een onregelmatig patroon opduiken. We hadden de zeilpakken aangetrokken ondanks het mooie weer, dat was maar goed ook, we waren in no time zeiknat. 20 meter aan BB breekt de zee op het grind en je wordt door de eb die kant opgezet. Op de motor halen we met moeite 2 knopen door het water, die golven stoppen alles af. Goed, we zijn er prima doorgekomen, het is maar een klein stukje en het was geen onveilige situatie, maar de conclusie is dat 4BF wel het maximum is om met aanlandige wind over de eb de rivier uit te varen. Had de wind in de W of N hoek gezeten, dan was er waarschijnlijk helemaal niets aan de hand geweest.

We hadden vervolgens op zee 2 knopen stroom en Z4 BF wind tegen. Dom dom dom, we hadden over die tidemill drempel moeten gaan zodra het kon. Dan hadden we op de rivier 1,5-2 knopen tegen gehad en rond de kentering op zee geweest. Maakt niet uit, van Woodbridge Haven boei naar Languard boei bij Harwich is een kleine 5 mijl, dus we gaan lekker kruisen naar de "aanbevolen oversteekplaats voor jachten van het Harwich deep water channel". Van daar af varen we buitenlangs de BB boeien van de geul naar de splitsing van de rivieren de Stour en de Orwell. Verplicht uitluisteren op het kanaal van de Traffic Control.

Achter de Languard boei zie je een oud fort dat de haveningang in vroeger tijden moest bewaken.

Harwich zelf heeft alleen de loodsdienst en enige ferry steigers, het grote werk ligt aan de overkant bij Felixstowe met de enorme containerterminal waar enkele malen per dag gigantische schepen aanleggen om te laden en te lossen. Je vaart er vlak langs en kijkt wel uit dat je in de buurt komt, want ze moeten in de haven ook nog draaien. Buiten de betonde geul is nog voldoende diep water om zelfs te kruisen.

Hier liggen ook de overtollige lichtschepen, onder andere van de Goodwin Sands en de Sandièttie bank. Jammer dat ze van zee weg zijn, het waren zulke handige bakens overdag vooral. Aan BB zie je Trinity House, de instantie die alle boeien en lichtschepen beheert en vlak daarbij ligt Halfpenny Pier, een aanlegplaats voor jachten die geschikt is om bemanning aan boord te nemen of af te zetten omdat de ferry vlakbij aanmeert. Bij wind uit noordelijke richtingen lig je hier heel slecht. Totaal geen beschutting.

Tegenover de containerterminal en ook tegenover Harwich ligt Shotly point met een uitstekende marina. Je moet door een minuscuul sluisje met plek voor 3-4 jachten, dat je bereikt via een smal geultje tussen droogvallende banken. Aan het begin staan 2 palen en je hebt altijd veel dwarsstroom, maar gelukkig staat er op de sluis een ingenieus licht dat met pijlen aangeeft of je BB of SB moet sturen om in het midden van het geultje te blijven. Je moet de sluis eerst oproepen op 80 "Shotley marina", en zij roepen je dan terug op als je het geultje mag binnenvaren. Je mag dus niet zomaar opvaren als het licht op groen gaat. Het is een nogal ruig sluisje: water inlaten gaat met geweld door gewoon de deuren een stuk open te zetten en met hoog water loopt de sluis over. Je ligt dan pal bij een sluisdeur waarachter het water 3 meter lager staat en waar het water uit de sluis als een waterval overheen gaat. Bizar, maar niet onveilig. De sluis heeft aan beide zijden drijvende rubber steigers met klampen, dus dat gaat altijd goed.

Een paar dagen later kwamen we met ZW 6-7 (achterlijke wind dus) in datzelfde sluisje aan, dat was wel even spannend vanwege de golfslag op de rivier die mee naar binnen liep. En dan natuurlijk net (NL) publiek op de sluis (de beste stuurlui enz.). Het ging goed, gelukkig.

Zeer behulpzame havenmeesters, prima voorzieningen incl ligbad. Maar... ga niet eten in het havenrestaurant, dat is echt niet te doen daar. Je krijgt bij aankomst van de havenmeester al een menu dus je denkt: Ha! Handig! Drink een biertje op het terras en geniet van het uitzicht, maar laat het daarbij. Het smaakt allemaal of het uit blik en magnetron komt en dat is waarschijnlijk ook zo....De pub van het dorpje Shotley (The Bristol Arms, 10 min. lopen) is iets beter, maar niet veel. De General Store stelt ook al niets voor. Alleen blik en diepvries (daar koopt het havenrestaurant natuurlijk in!). kortom: goed inslaan voor je naar Shotley gaat.

13-8: 2 uur voor HW weg uit Shotley marina en met de vloed mee de Stour op richting Mistley. (10 mijl). ZW4-5 dus kruisen met wind tegen stroom. De Stour is wijds met mooie oevers en enorme wolkenluchten. Zo tegen HW kun je prima over de banken heenkruisen en goed voortgang maken.

Het dorpje Mistley is vanaf het water weinig aantrekkelijk. Een kade met een paar coasters en een werf waar je wel terecht kunt, maar waar men zich specialiseert in sloop- en baggerwerkzaamheden. Het dorpje zelf is erg leuk, weten we uit een eerder (land) bezoek. We zijn er exact op HW en keren om en varen voor wind en stroom de Stour weer af. Stuurautomaat erop en brood smeren in de kuip voor de lunch. We passeren Shotley en de containers weer en gaan bakboord uit de Orwell op.

Inmiddels is de wind aangetrokken tot een dikke 5. Er is een flinke depressie op komst en de Navtex spuwt galewarnings W-ZW 8 uit. Voor nu komt het goed uit, want met deze wind komen we prima tegen de stroom in de Orwell op. Een stuk smaller en lieflijker dan de Stour en met (meer dan) ruim voldoende moorings en marina's.

De beroemde pub bij Pinn Mill. We besluiten vanwege de opkomende storm niet aan een mooring te gaan liggen, maar naar Woolverstone Marina te gaan, een halve mijl verder. Prima marina met prima faciliteiten. De coasters naar Ipswich varen vlak langs, maar heel langzaam, dus weinig golfslag.

Vanuit de marina heb je uitzicht op de hoge brug bij Ipswich.

We blijven liggen om de storm uit te zitten. Op dit doorkijkje zie je dat de rivier tussen hoge overs ligt. Woolverstoone marina lag onder hoge wal dus zeer beschut, geen last van de wind gehad, die inderdaad kwam!

We wandelen via het coast path naar Pinn Mill, mooie tocht langs de rivier en we hielden het onverwacht droog.

Dit is 'm dan, de befaamde Butt & Oyster. Niet de yuppentent die sommigen ons willen doen geloven, maar nog best leuk. We drinken koffie en genieten op het bankje van het uitzicht. Volgende keer wel aan een mooring en dan met de bijboot naar de "hard" varen om moddervrij te landen en dan wel een pint en een bar meal.

Als je vanaf de pub in 15 minuten omhoog loopt naar het dorp dan vind je daar een prima voorziene general store met veel vers vlees en groente. De zelfgemaakte lamsburgers in verschillende smaken zijn een aanrader! Dicht tussen de middag.

Grote coasters varen af en aan naar Ipswich rakelings langs de jachten aan de moorings. Het schijnt altijd goed te gaan.

16-8: in het staartje van de depressie hebben we nog een ruig tochtje (ZW6-7) van Woolverstone onder de brug naar Ipswich, daar omgekeerd en opnieuw naar Shotley. We zijn niet in Ipswich geweest, schijnt leuk historisch centrum te hebben. Vanaf het water zie je alleen industrie. Je moet door de sluis om in het centrum te kunnen afmeren.

17-8: Het weer voor het weekend ziet er uitstekend uit (hoge druk en ZW-W 3-4 op zee), Dus we gaan terug naar Lowestoft voor de oversteek terug. Dat is 45 mijl langs de kust. We vertrekken HW-1 van Shotley, hebben nog wat vloed tegen naar buiten, maar pikken dan de volle eb mee naar Lowestoft. Het is een lekker tochtje met ZW 3-4, zonnetje en om 1945 na 8 uur varen meren we af bij de jachtclub om een lekker hapje Roast Lamb te eten. Morgen oversteken. Denken we.........

18-8: Lowestoft: de weercomputer laat ineens een heel ander beeld zien. Een onbeduidende oceaandepressie is flink uitgediept en koerst met grote snelheid onze kant op. Een hoog bij Ierland (daar zou het mooie weer vandaan komen...) blijft pal op z'n plek (en zou daar nog meer dan 3 weken blijven!) en verhindert een noordelijke koers naar Schotland (wat normaal is). De wind wordt N6-7 voor de komende dagen. De boot kan dat wel aan, en wij ook, maar niet voor de 24 uur die de oversteek gaat kosten. Bovendien weten we niet wat voor golven we kunnen verwachten op open zee, maar de coastgaurd spreekt van "seastate rough, sometimes very rough". We zoeken in de Reeds op hoe hoog dat is: te hoog (> 4 m). Wachten dus in de hoop dat de depressie door zal trekken naar de Duitste Bocht/ Denemarken. Die nacht neemt de wind enorm toe. Midden in de nacht komt een groep Toerzeilers aan. De Whitby ralley die wegens de windverwachting uitgeweken is naar Lowestoft. Allemaal grote schepen, 33 voet en meer, en ze zijn uitgeput. De stoerste spreekt van een pittige tocht, maar de meeste mannen (en 1 vrouw) zijn de hele dag nauwelijks bovendeks geweest.

19-8: En zo ziet de zee voor de haven eruit de volgende ochtend. We zijn blij met ons besluit te wachten. Niemand vaart in of uit.

Ook voor de ingang is het feest. Op de foto's zie je het niet goed, maar dit zijn golven van ca 2 meter, en bedenk dan dat deze ingang nog beschut ligt voor Noordelijke richtingen.

20-8: De depressie blijft nog 5 dagen stationair boven Belgie liggen en het Ierse Hoog drukt ertegen aan met als gevolg de komende dagen blijvende harde wind: N5-6 aan de kust, 6-7 op zee. We gaan internetten in de bieb om telefoonnummers van klanten van Gonnie te achterhalen zodat ze ze kan afbellen. Balen en stress. We nemen een besluit: het is niet echt leuk in Lowestoft, dus niet 5 dagen blijven liggen maar we gaan kusthoppend terug naar Nederland: Lowestoft - Harwich - Ramsgate - Oostende - Middelburg en dan binnendoor de staande mastroute. Nadat het besluit gevallen is voelen we ons beter, we leggen ons neer bij 10 dagen extra vakantie. Er zijn ergere dingen. Het worden "pittige" zeiltochten.....

20-8: Van Lowestoft terug naar Shotley. NW 5-6. We volbrengen de inderdaad pittige tocht van 45 mijl in 7 uur met een gemiddelde van 5,9 knopen, ongekend voor een NB24! Eigenlijk is dit zo langs de hogerwal kust prima te doen. De zeegang valt erg mee, we voeren zonder kluiver met 1 rif. Wel slecht weer met veel regen.

21-8: Shotley - Ramsgate 45 mijl: Anje Valk schreef het al in haar vaarwijzer: De Thamesmonding laat niet met zich spotten. En zo is het. Vorig jaar waren we er met 0-4 BF en dat viel heel erg mee. Nu staat N5-6 op het programma zodat de golven de hele Noordzee hebben om op te bouwen om vervolgens stuk te lopen op de vele banken in de monding. Als je de monding oversteekt moet je goed navigeren om tussen die banken door te slalommen. We hebben de tocht goed voorbereid: waypoints in GPS en op kaart ingetekend, te varen kompaskoersen opgeschreven, te ronden tonnen aangegeven.

10.00u vertrekken we, langs Walton on the Naze door het Medusa kanaal. Het was ERG ruig. Vooral de stukken waar de zee ondiep wordt zeer hoge golven. De eerste in zee stekende bank ronden we te krap. Het afsnijden van banken is een soort tweede natuur geworden met 90 cm diepgang, maar dit was dom. Van 25 meter is het ineens 6 diep. En daar was 'ie dan, onze eerste breker in de kuip. Niet echt een mijlpaal. Ik stond net de positie in de kaart te tekenen. Gonnie doorweekt, maar zelf droog dankzij het Musto zeilpak (met die investering zijn we nog altijd blij), maar ja, geen deurtjes in de opening, dus kaart, apparatuur alles doornat. Binnen gelukkig alleen spatwater. De kuip stond halfvol en die was zo weer leeg. Wel flinke schrik. Hebben even overwogen terug te keren, maar waren al 3 uur onderweg, dus dat was eigenlijk geen optie. Afvallen en voor stroom en wind naar de Crouch? Ook nog 25 mijl en morgen alsnog 45 mijl gedeeltelijk pal tegen de wind in. Bovendien was de verwachting dat de wind 's avonds iets zou afnemen, dus dapper door. De Long Sands kardinaal (volgende bank) hebben we zeer serieus genomen en dat scheelde een hoop. Wel hadden wel voortdurende golven van meer dan 2 meter hoog. De boot bleef overigens prima bestuurbaar, het zeilen ging eigenlijk heel lekker. Wellicht voelden we ons ook zo prima omdat we voor de zekerheid een pilletje hadden geslikt tegen zeeziekte...

Na de Long sands hadden we een lang rak voor wind en stroom en dat voelt een stuk rustiger. Met 7 knopen over de grond voelt de schijnbare wind als ruim een Beaufort minder. Wel weer veel grote zeeschepen om rekening mee te houden. Bij North Foreland (het "hoekje" van de Thames) kregen we stroom tegen wind dus de laatste 5 mijl waren weer heftig. Bij aankomst sloegen de golven over de pieren van de buitenhaven, zie foto. In Ramsgate voor 5 pond p.p. prima Roast gegeten in de eerste pub die je van de haven tegenkomt. Dit was wat wat Henk v.d. Missen een karaktervormende tocht noemt. Geleerd: banken ruim ronden, NB kan deze omstandigheden perfect aan, wijzelf zijn na 8 uur beremoe, maar het was niet onveilig en wel spectaculair. Deze omstandigheden hadden we geen 24 uur volgehouden bij een oversteek. Onze keus tot kusthoppen was dus nog steeds een goede.

22-8: Ramsgate: Opnieuw gale warnings N7-8 op de Navtex en bij de Coastgard. De Goodwin Sands zijn één kolkende massa brekende zee en de brekers lopen zelfs de binnenhaven in. (zie foto) . Wij blijven in Ramsgate. Regen, lezen dus.

23-8: N 5-6 afnemend 4-5 is de verwachting. Seastate rough decreasing slight. We besluiten te gaan voor Oostende, 57 mijl ongeveer 12 uur varen. 10.30u vertrek. Het begin is weer zeer heftig met golven van ca 2-3 meter. We varen met 1 rif en fok. We weten nu dat we dit wel kunnen volhouden, maar je bent echt alleen maar met die golven bezig. De stuurautomaat houdt dit prima bij. In de shipping lane rond de Sandièttie bank nemen wind en zeegang langzaam af. We halen het rif eruit en oostelijk van de bank gaat de kluiver erbij. Een aantal malen moeten we uitwijken voor zeeschepen en met grote regelmaat komt de ferry Zeebrugge-Ramsgate voorbij. We moeten nu weer secuur navigeren tussen al die banken voor de Belgische kust.

De wind neemt in de loop van de avond verder af en het is nu goed varen. Helaas draait hij verder richting NE en wordt de koers steeds minder bezeild. De laatste 10 mijl is hij pal E en motoren we met alleen grootzeil op tegen het slingeren. De zon gaat onder, de zoveelste ferry scheurt voorbij.

De aanloop van Oostende is nog enerverend in het donker vanwege in- en uitvarende beroepsvaart maar vooral omdat we geen rood havenlicht kunnen ontdekken. De volgende ochtend blijkt dat ze de BB pier aan het restaureren zijn en dat hij half gesloopt is. Dat ze dan niet even een tijdelijk licht ophangen.... Tja, we zijn in Belgie.....Natuurlijk lukt het uiteindelijk wel en we meren in de jachtclub om 2200 BST = 2300 EST af naast de Queen Bee een stalen Hollands klassiek jacht.

24-27 aug: het wordt prachtig weer. We zeilen van Oostende naar Vlissingen, gaan het kanaal in en volgen daarna de staande mastroute naar huis. Na een tocht van bijna 950 mijl die tien dagen langer duurde dan gepland kunnen we zeggen dat we een hoop geleerd hebben over zeezeilen, dat de East Coast Rivers een schitterend vaargebied vormen waar de NB voor gemaakt lijkt te zijn, dat wij onze grenzen een flink stuk verlegd hebben, kortom, dat het een bijzondere vakantie was. We komen daar zeker terug, want het meeste willen we nogmaals zien en we hebben de rivieren ZW van Harwich nog niet gedaan.

Joost Overmars & Gonnie Hoonhout,
Noorderzon NB24-31
Augustus 2007